Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

uitwerpen

eruitgooien, verbannen, verdrijven, verjagen, verstoten

uitwerksel

effect, gevolg, resultaat, uitwerking

uitwerking

afloop, bewerking, effect, extensie, gevolg, invloed, kracht, oppuntstelling, resultaat, uitwerksel, werking, werkzaamheid

uitwerken

` uit – wer – ken, (werkte uit,

uitwendige schaamslagaderen

takken van de arteria femoralis; in twee takken omhoog naar de buikwand, omlaag naar de balzak of de grote schaamlippen

uitwendige oriënteringsparameters

voor het uitwendig oriënteren van een fotobeeld benodigde zes grootheden, nl. de drie coördinaten van het projectiecentrum en de drie oriënteringshoeken

uitwendige hartmassage

Noodmaatregel bij reanimatie, waarbij men het hart bloed laat rondpompen door 60 maal per minuut manueel gegeven druk op de borstkas tussen borstbeen en ruggegraat (de patiënt ligt daarbij ruggelings op een harde onderlaag)

uitwendige bevruchting

bij veel dieren wordt de eicel van het vrouwtje niet binnen haar lichaam, maar daarbuiten bevrucht