zorgeloos
` zor – ge – loos, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, zonder zorg; luchthartig; zorgeloos door het leven gaan ;, zor – ge` loos – heid, de -woord (vrouwelijk)
` zor – ge – loos, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, zonder zorg; luchthartig; zorgeloos door het leven gaan ;, zor – ge` loos – heid, de -woord (vrouwelijk)
` zor – ge – lijk, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, = zorglijk
bedrag waarover scholen voor speciaal onderwijs beschikken voor kinderen die meer zorg nodig hebben dan anderen
arts, verpleger, maatschappelijk werker; Huisarts, fysiotherapeut, ziekenhuis, verzorgingstehuis. De zorgverzekeraars gaan onderhandelen met de zorgaanbieders en/of hun organisaties. Dit moet leiden tot een serie zorgovereenkomsten
verlening van zorg die afgestemd is op de behoefte
de -woord, zorgen,
profiel met dwarsdoorsnede in de vorm van hoofdletter omega
zo` pas, bijwoord, zo-even
bende, berg, hoop, reut, stapel, massa, janboel, puizooi, rotzooitje, troep, bende, rommel, kluitje, zwikkie
alle bepalingen voor de toepassing van de communautaire voorschriften op het gebied van de zoötechniek