Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

zoomlens

Een lens waarvan de brandpuntsafstand kan worden aangepast.

zoomkapsysteem

verjongingskap, beperkt tot bepaald gedeelte van te verjongen opstand

zoomen

vergroten of verkleinen

zoombos

smal;langs de oevers van een grote rivier lopend(tropisch)bos(van Dale)

zoom-codeerinrichting

zooming: het vergroten of verkleinen van de schaal, waardoor de indruk ontstaat, dat het gehele of een gedeelte van het beeld naar de waarnemer toe komt of zich van de waarnemer verwijdert

zoom

de -woord (mannelijk), zomen,

zoollikker

gatlikker, kontlikker, mouwveger, pluimstrijker, strooplikker, stroopsmeerder, vleier