kreukherstellend weefsel
weefsel dat, wanneer het nat wordt opgehangen, zonder kreukels droogt
weefsel dat, wanneer het nat wordt opgehangen, zonder kreukels droogt
rassen van Pisum sativum, de Erwt, waarvan de zaden, de erwten een gekreukt uiterlijk hebben
` kreu – ken, (kreukte,
alikruik
kreuken
opstuiken van een natte of droge papierbaan door middel van een schaaf, die tegen een droogcilinder is aangedrukt, waardoor dwarsvouwtjes d.w.z. kreukels ontstaan, die het papier in de machinerichting een groter rekvermogen geven
tegenkammen, touperen
` kren – te – rig, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, nauwkeurig op de kleinste uitgaven lettend; gierig; kleingeestig, bekrompen;, ` kren – te – rig – heid, de -woord (vrouwelijk), krenterigheden
rotsmispel
impetigo