Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

kriebelen

` krie – be – len, (kriebelde, h. gekriebeld),

kribbig

` krib – big, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, narrig, lichtgeraakt;, ` krib – big – heid, de -woord (vrouwelijk)

kribben

` krib – ben, (kribde, h. gekribd), twisten, ruzie maken

kribbaak

Baak voor het in het belang van de scheepvaart aanduiden v.d. kop van een krib of van een strikdam; bestaat uit een paal met een bovenaan bevestigd latwerk in de vorm van driehoek of vierkant.

krib

krib ,, ` krib – be, de -woord, kribben,

kreupel

` kreu – pel, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, mank; figuurlijk niet vlot, gebrekkig: kreupele verzen

kreupelhout

bedrijfsvorm, waarbij men de bomen voor zij hun volle hoogteontwikkeling hebben bereikt, laag bij de grond afzet om de zich uit de stronk ontwikkelde opslag periodiek te oogsten

kreukzadige erwt

rassen van Pisum sativum, de Erwt, waarvan de zaden, de erwten een gekreukt uiterlijk hebben