Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

zwellende staar

vermeerdering der troebelingmet zwelling der lens

zwellen

` zwel – len, (zwol, is gezwollen), uitzetten, dikker, boller worden: zwellende knoppen, zeilen ;, zijn hart zwol van vreugde, figuurlijk werd vervuld van vreugde

zwelgerij

bacchanaal, brasserij, slemppartij, braspartij, orgie, zwelgpartij

zwelgen

schrokken, brassen, zuipen

zweihaak

winkelhaak van de tinmerman en de metaalbewerker met beweegbare, door een schroef vastgezette armen

zweien

het groter of kleiner maken van de hoeken van een hoekstaal

zwei

winkelhaak van de tinmerman en de metaalbewerker met beweegbare, door een schroef vastgezette armen

zweetwol

niet gewassen of op andere wijze gereinigde wol

zweetschade

schade aan de lading door zweetwater

zweetklieren

klieren gelegen in het corium en de subcutis, bestaande uit een kluwenvormig corpus glandulae sudoriferae met een rechte, loodrecht op de huid gerichte ductus sudoriferus, die met een porus sudoriferus in de huid uitmondt