Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

zabberen

kwijlen, sabbelen, slurpen, zuigen, kletsen

zaathout

Langsverbanddeel op de kiel en/of aan beide zijden van hartschip op de vlakbeplating aangebracht, doorlopend over een groot deel van de scheepslengte

zaan

room, vel

zaalkerk

Eenbeukige en rechthoekige kerk.

zaalakoestiek

heeft betrekking op de eigenschappen van geluid in een besloten ruimte.Deze eigenschappen worden bepaald door de vorm en de afmetingen v.d.ruimte en door de geluidsabsorptie v.d.wanden die de ruimte begrenzen

zaal

de -woord, zalen,

zaakvoerder-vennoot

degene die vennoot/aandeelhouder is en tevens belast is met het beheer van de vennootschap