Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

uitdagen

provoceren, prikkelen, tarten, uitlokken

uitbundig

bovenmatig, exuberant, overvloedig, rijkelijk, dionysisch, overmatig, weelderig, geestdriftig, stormachtig, uitgelaten, vrolijk

uitbuikgereedschap

Gereedschap voor het uitbuiken van cilindrische produkten, bestaande uit een rubber stempel en een starre, holle tegenmatrijs

uitbuiten

uitknijpen, uitmelken, uitwringen, exploiteren, uitzuigen

uitbuiken

Holle produkten in de buurt van de gesloten zijde wijder maken met behulp van wigwerking, elastische lichamen, vloeistoffen, of andere vulstoffen

uitbroedkas

uitkomst:het uitkomen van eieren

uitbroeden

Eieren verwarmen totdat deze uitkomen.

uitbrengen

bekendmaken, lanceren, onthullen, publiceren, verklappen, vertellen, uiten, slaken, uitroepen, uitspreken

uitbreken

` uit – bre – ken, (brak uit,