Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

uitstel

` uit – stel, het -woord, opschorting, verschuiving;, uitstel is geen afstel, wat uitgesteld is, is daarmee niet opgegeven;, dit kan geen uitstel lijden ;, uitstel van executie, figuurlijk uitstel van iets onaangenaams, waaraan toch niet te ontkomen is; zie ook bij, afstel

uitstel van betaling

van land tot land verschillend ingerichte procedure waarbij crediteuren na insolventie worden voldaan

uitsteken

wegsteken, overtreffen, uitmunten, uitspoken, uitvreten, uithalen, oprijzen, overhangen, uitpuilen, uitspringen, vooruitsteken

uitstek

` uit – stek, het -woord, uitstekken, vooruitstekende rand; uithoek;, bij uitstek, bijzonder:, bij uitstek geschikt om als voorbeeld te dienen

uitstappen

afstappen, uitstijgen, heengaan, overlijden, sterven, verscheiden

uitstapje

excursie, reisje, rondrit, snoepreisje, trip, uitgangetje, uitje, tochtje, uitweiding

uitstap

excursie, tochtje, trip, uitje, uitstapje

uitstallen

etaleren, te kijk zetten, tentoonspreiden, tentoonstellen, uitpakken, vertonen