aanporren
` aan – por – ren, (porde aan, h. aangepord), aansporen
` aan – por – ren, (porde aan, h. aangepord), aansporen
culture, plantage, beplanting
Het nieuw planten, aanbrengen.
Wat is aangeplant, aangebracht.
reclamezuil
affiche
vastplakken
het totale in kwantiteit begrensde vermogen van het organisme tot aanpassing
bestanddeel, van gegevensverwerkende machine, ter verbinding van de centrale vewerkingseenheid en andere digitale machines of delen daarvan
` aan – pas – sing, de -woord (vrouwelijk), het zich aanpassen