Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

bespieden

be` spie – den, (bespiedde, h. bespied), beloeren, begluren

bespeuren

bemerken, betrappen, gewaarworden, merken, ontdekken, ontwaren, voelen

bespatten

bemodderen, besprenkelen, nat maken

bespanting

Constructiedelen welke dienen ter verstijving van de huidplaten.

besparen

be` spa – ren, (bespaarde, h. bespaard),

besodemieteren

be – so – de` mie – te – ren, (besodemieterde, h. besodemieterd), informeel, bedriegen

besodemieterd

bedrogen, belazerd, genept, gek, krankzinnig