Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

bespreking

beraadslaging, conferentie, onderhoud, onderhandeling, geding, palaber, recensie, verhandeling, plaatsbespreking, reservering, gedachtewisseling, discussie

bespotting

fopperij, ludificatie, persiflage, spotternij, hoon, spot

bespotten

be` spot – ten, (bespotte, h. bespot), belachelijk maken

bespottelijk

be` spot – te – lijk, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, waard bespot te worden;, be` spot – te – lijk – heid, de -woord (vrouwelijk), bespottelijkheden

bespoelen

omspoelen, besproeien, wassen

bespioneren

be – spi – o` ne – ren, (bespioneerde, h. bespioneerd), bespieden

bespoedigen

accelereren, voortmaken met, bevorderen, verhaasten, versnellen

bespieden

be` spie – den, (bespiedde, h. bespied), beloeren, begluren

bespeuren

bemerken, betrappen, gewaarworden, merken, ontdekken, ontwaren, voelen