bezorgd
be` zorgd, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, zich zorgen om iets makend, ongerust: bezorgd zijn over de toekomst
be` zorgd, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, zich zorgen om iets makend, ongerust: bezorgd zijn over de toekomst
beschonken, dronken, kachel, lazarus, teut, aangeschoten, beneveld, keil, ladderzat, zat, dwaas, gek
bedachtzaam, weloverdacht
het voorkomen van denkstoornissen bij volkomen helder bewustzijn
emolumenten, traktement, beloning, betaling, loon, salaris
omgangsregeling
Recht v.d. niet met de voogdij belaste ouder.
kwelling, ramp
activiteiten op het gebied van onderzoek of ontwikkeling met een specifieke doelstelling, een aanvangsdatum en een vermoedelijke einddatum, die binnen een bepaald onderzoekteam worden uitgevoerd en al dan niet extern worden gefinancierd
be` zoe – ker, de -woord (mannelijk), bezoekers ,, be` zoek – ster, de -woord (vrouwelijk), bezoeksters, iem. die een bezoek brengt