Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

blijmoedig

blij, opgeruimd, opgewekt, vrolijk

blijken

` blij – ken, (bleek, is gebleken), duidelijk zijn of worden

blijk van denaturatie

denaturatie (hier):irreversibile structuurverandering van eiwitten, bv. door koken

blijkbaar

manifest, duidelijk, kennelijk, klaarblijkelijk, merkelijk, ogenschijnlijk, schijnbaar

blijk

het -woord, blijken, bewijs, teken;, blijk geven van, bewijzen te beschikken over, bewijzen te bezitten of te gevoelen

blijheid

jubel, opgewektheid, vreugde, blijdschap

blijgeestig

levenslustig, monter, opgeruimd, opgewekt, tierig, welgemoed

blijf-van-mijn-lijfhuis

Een toevluchtsoord voor vrouwen en kinderen die het slachtoffer zijn van huiselijk geweld(in België:vluchthuis)

Blijf in je baan

waarbij iedereen op zijn eigen strook blijft rijden(1)

blijdschap

` blijd – schap, de -woord (vrouwelijk), aangenaam gevoel van vrolijkheid, veroorzaakt door een prettige gebeurtenis: juichen van blijdschap ; met blijdschap van iets kennis nemen ; blijdschap tonen om, over iets