dommel
doezel, halfslaap
doezel, halfslaap
eindstation dat signalen kan ontvangen en/of verzenden en daardoor als invoer-en/of uitvoereenheid kan fungeren, maar zelf geen verwerkingsmogelijkheden heeft(1); apparatuur op een eindstation, bestemd om centrale bestanden te raadplegen, bijv. beeldscherm/toetsenbord-eenheid(2)
kathedraal, dom
` dom – kop, de -woord (mannelijk), domkoppen, dom persoon
Omstandigheden waarbij een zwaar ongeval op een bepaalde plaats, elders een kettingreactie van ongevallen veroorzaakt
heer
dominicaan, dominicaans
do – mi` ne – ren, («Frans«Latijn) (domineerde, h. gedomineerd),
overeenkomst waarbij een onderneming haar leiding ondergeschikt maakt aan die van een andere onderneming
` do – mi – nee, («Latijn), de -woord (mannelijk), dominees, (aanspreekvorm van dominus ) titel voor en aanduiding van een predikant;, een blikken dominee, spottende benaming voor een onbevoegd predikant;, er gaat een dominee voorbij, gezegd bij een plotseling optredende stilte tijdens een levendige conversatie