draaien
` draai – en, (draaide,
` draai – en, (draaide,
de cirkel waarbinnen gelegen zijn de projecties op het grondvlak van alle punten van het voertuig, met uitzondering van de buitenspiegels en de voorste richtingaanwijzers, wanneer het voertuig een cirkel beschrijft
condensator met te wijzigen capaciteit
` draai – boek, het -woord, draaiboeken,
bol in houder die met de hand aan het rollen gebracht kan worden om de cursor op een scherm van een terminal de gewenste positie te laten innemen(1); apparaatje dat wordt gebruikt als alternatief van een lichtpen voor het identificeren, lokaliseren of schetsen van op een scherm afgebeelde gegevens of voorstellingen(2)
Eenvoudige draaibank met voedingsspil en beperkte langsdraaimogelijkheid
de -woord (mannelijk), draaien,
raam dat aan de stijl draait, maar ook aan de onderdorpel draaibaar is
portee, reikwijdte, invloed
gewicht waarmee een onbeladen schip belast kan worden tot het de grootste toegelaten diepgang bereikt(in tonnen)