vroegere klimaatschommelingen
‘ verandering’ ,’ wijziging’ :groter dan ‘ schommeling’
‘ verandering’ ,’ wijziging’ :groter dan ‘ schommeling’
verleden, voorafgaand, voorbij, vorig, voordezen, eer, eerder, tevoren, voordien, oudtijds, gewezen, voorheen, voormalig, indertijd, tempo doeloe, toen, eerst, eertijds, weleer
bepaalde schimmelziekte bij erwt
diagnose op grond van een enkel doorslaggevend symptoom bij de aanvang van een ziekte
vroegbeurt
het (vroeg) optreden van sterke, ongewenste gasvorming in kaas; rijzer: het kaasexemplaar dat hieraan onderhevig is
bijvoeglijk naamwoord en bijwoord,
` vroed – vrouw, de -woord (vrouwelijk), vroedvrouwen, verloskundige
Lid van de stedelijke regering.
stadsregering