waarheidsgetrouw
Naar de waarheid, dichtbij de waarheid.
Naar de waarheid, dichtbij de waarheid.
eerlijk, oprecht
` waar – heid, de -woord (vrouwelijk), waarheden, wat 2 waar is;, een waarheid als een koe, iets vanzelfsprekends; zie ook bij, herberg , leugen
Plant waarop een parasiet groeit en zich kan vermeerderen.
waar` din, de -woord (vrouwelijk), waardinnen, herbergierster
Het recht op respect en in het bijzonder het verschoond blijven van seksuele en andere vormen van intimidatie op het werk (Resolutie 90/C 157/02 van de Raad van 29.5.90,PB C 157)
deftigheid, functie, ambt, rang, bedaardheid, beheersing
` waar – dig, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord,
rijshout
` waar – de – vol, bijvoeglijk naamwoord,