waarmerken
attesteren, bevestigen, certificeren, bekrachtigen, keuren
attesteren, bevestigen, certificeren, bekrachtigen, keuren
kenmerk
` waar – ma – ken, (maakte waar, h. waargemaakt), de waarheid aantonen van;, dat zul je me waarmaken, doen wat men in uitzicht gesteld heeft, bewijzen dat men kan of zal doen wat verwacht wordt;, een belofte waarmaken, gestand doen;, de hervormingsplannen waarmaken, tot uitvoering brengen;, zich waarmaken, beantwoorden aan gewekte verwachtingen;, ` waar … Lees verder
deel van de Belgische gem. Kontich, prov. Antwerpen
Echt, oud nederlands, volgens de waarheid.
eerlijkheid, oprechtheid
invoer-en uitvoergrootheden in een waarheidstabel
tabel die de waarde geeft van het resultaat van een logische bewerking voor elk van de combinaties van de mogelijke waarden van de opdrachtelementen
een systeem dat, tijdens het oplossen van een probleem, voortdurend onderzoekt of nieuw gevonden feiten in tegenspraak zijn met reeds bekende feiten; eventuele tegensprekende veronderstellingen en alle daaruit volgende conclusies worden weggehaald
het vasthouden van de schaal bij het weergeven van topografische elementen in het platte vlak