kletteren
klepperen, klikklakken, rammelen, ratelen, rinkelen, klateren, plassen, botsen, slaan, vallen
klepperen, klikklakken, rammelen, ratelen, rinkelen, klateren, plassen, botsen, slaan, vallen
beuzelpraatje, ouwehoertje
` klets – nat, bijvoeglijk naamwoord, druipend nat
Over iets praten dat geen betekenis heeft.
kletser, kletsmeier, ouwehoer, ratel, babbelaar, babbelkous
kletsmajoor, kletsmeier, ouwehoer, ratel, babbelaar, babbelkous, roddelaarster
seborrhoea op het hoofd van zuigelingen
gelul, klets, kletsica, lulkoek, lullificatie, nonsens, gebabbel, larie, onzin
fraseur, kletsmajoor, babbelaar, babbelkous, klapper, kletskop, zeveraar
kletskoek