komkommerfamilie
familie uit de klasse der tweezaadlobbigen van het plantenrijk
familie uit de klasse der tweezaadlobbigen van het plantenrijk
familie uit de klasse der tweezaadlobbigen van het plantenrijk
kom` kom – mer, («Frans«Latijn), de -woord, komkommers, waterrijke vrucht, als groente gebruikt
Doelstelling:voorlichting geven over en steun aan de bevrijdingsstrijd in Zuidelijk Afrika
` ko – misch, («Duits«Latijn), bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, kluchtig, grappig
grapjas, grappenmaker
ko` miek, («Frans«Grieks), I, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, grappig, lachwekkend;, II, de -woord (mannelijk), komieken, acteur die grappige rollen vervult; iem. die het publiek vermaakt in revues, variétés enz.;, III, de -woord (vrouwelijk), het komische, vermakelijke
kooktoestel
kruidenierswinkel
` ko – men, (kwam, is gekomen),