Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

pronkstuk

Iets wat men laat zien om indruk te maken.

pronkerig

opgeschikt, opzichtig, pompeus, pralend, pronkziek

pronker

modegek, praler, saletjonker, fat, stoefer

pronk

praal, pracht, vertoon, opschik, sieraad

pronken

floreren, pralen, geuren, opscheppen, paraderen, stoefen, stralen, prijken, mokken, pruilen

pronation douloureuse

typische pseudoparese van de arm bij jonge kinderen, doordat de ouders of anderen hen min of meer meesleuren

pronatie

het draaien van de handpalm naar onderen

pronaos

Ruimte aan de voorzijde van een Griekse tempel.

promoveren

pro – mo` ve – ren, («Latijn) (promoveerde,

prompt

(«Frans«Latijn), I, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, onverwijld, zonder tussenpoos;, II, de -woord (mannelijk), handel termijn voor prompte betaling