Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

ziek

bijvoeglijk naamwoord, lijdend aan een stoornis in het lichaam of de geest, niet gezond; zo ziek als een hond ; ziek van verlangen ;, zich ziek lachen, heel erg lachen;, ik word er ziek van, het staat me heel erg tegen;, een zieke aardappel, door bederf aangetast

ziegezagen

palaberen, zaniken, zeiken, zeuren, zeveren

zie ook

attribuuttype dat namen van objecten aangeeft die, op wat voor een manier dan ook, andere aspecten van hetzelfde reële object representeren

zichzelf organiserend back-propagation

neuronaal systeem,dat,aan zichzelf overgelaten,vanzelf naar een toestand van minimale energie evolueert;elke invoer aan het systeem,d.w.z.een verstoring van de toestand in de invoerlaag,zet een proces in gang dat leidt tot een nieuwe stabiele toestand van het systeem