Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

uitgang

doortocht, optocht, rondgang, deur, exit, sortie, uitweg, uitloop

uitgaanskas

Gelden die een gevangene als tegoed ontvangt, wanneer hij ontslagen wordt.

uitgaand wisselboek

boeken waarin de voornaamste gegeven van de door een onderneming geaccepteerde of getrokken wissels worden vermeld.In enkele landen is het houden van wisselboeken verplicht

uitgaaf

besteding, kosten, editie, jaargang, aflevering, druk, uitgave

uitgaan

heengaan, uitstromen, uittrekken, weggaan, pierewaaien, potverteren, stappen, doven, opraken, uitdoven, wegsterven

uitfelaten vel

huiden en vellen, welke zijn in-of uitgelaten, d.w.z. versneden tot V-of W-vormige reepjes, welke vervolgens in de volgorde waarin zij zijn uitgesneden, zijn aaneengenaaid met achterwa artse verplaatsing; aldus worden de huiden of vellen verlengd, doch tevens versmald

uitfaden

Er uit doen verdwijnen, wegwerken.

uiterwaard

Buitendijks, tussen dijk en zomerkade van een rivier gelegen en meestal met gras begroeid stuk grond