Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

vanzelfsprekend

van – zelf` spre – kend, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, geen toelichting of verklaring nodig hebbend, voor de hand liggend, voor ieder duidelijk;, van – zelf` spre – kend – heid, de -woord (vrouwelijk)

vanwege

van` we – ge, voorzetsel,

vanzelf

automatisch, werktuiglijk, natuurlijk, uiteraard, vanzelfsprekend

vanwaar

van` waar, bijwoord,

vanuit het gezichtspunt der inkomsten

het BBPmp (N 1)is de som van de beloning van werknemers (R 10),het bruto-exploitatieoverschot van de volkshuishouding (N 2)en de indirecte belastingen (R 20)min de exploitatiesubsidies (R 30)

vanop

op, van, vanaf

vanochtend

van` och – tend, bijwoord, vanmorgen