Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

veroordelen

ver` oor – de – len, (veroordeelde, h. veroordeeld),

verontwaardiging

ver – ont` waar – di – ging, de -woord (vrouwelijk), toorn, gekrenktheid, ergernis: diepe verontwaardiging ; heilige verontwaardiging

verontwaardigd

ver – ont` waar – digd, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, vertoornd, gekrenkt

verontschuldiging

ver – ont` schul – di – ging, de -woord (vrouwelijk), verontschuldigingen, het verontschuldigen;, verontschuldigingen aanbieden, maken, erkennen dat men verkeerd heeft gehandeld;, ter verontschuldiging, om zich te verontschuldigen

verontschuldigen

ver – ont` schul – di – gen, (verontschuldigde, h. verontschuldigd), vrijspreken van schuld; goedpraten;, zich verontschuldigen, vragen niet kwalijk te nemen;, zich (laten) verontschuldigen, bericht van verhindering (tot bijwoning van een vergadering e.d.) geven

verontrusting

bezorgdheid, gealarmeerdheid, beroering, ongerustheid, onrust, ontsteltenis, storing

verontrusten

ver – ont` rus – ten, (verontrustte, h. verontrust), onrust baren, ongerust maken: verontrustende berichten