Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

aanrichten

` aan – rich – ten, (richtte aan, h. aangericht), bereiden, houden: een feestmaal aanrichten ; veroorzaken: schade aanrichten

aanreiken

aanbieden, aangeven, geven, langen, overgeven, overhandigen, overreiken, reiken, ter hand stellen, toesteken, toestoppen

aanraking

` aan – ra – king, de -woord (vrouwelijk), aanrakingen, het aanraken; figuurlijk : contact, omgang: in aanraking brengen, komen met ; met de politie in aanraking komen