afgunst
` af – gunst, de -woord (vrouwelijk), nijd, jaloersheid: afgunst koesteren
` af – gunst, de -woord (vrouwelijk), nijd, jaloersheid: afgunst koesteren
afschrik, afschuw, gruwel
afvreten, afweiden, kaalvreten, bestuderen
af` grij – se – lijk ,, af` grijs – lijk, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, verschrikkelijk, afschrikwekkend
Weggraven of door graven gelijk maken.
afwerpen
afgoderij, Baälsdienst, idolatrie
afgodendienst, idolatrie
` af – god, de -woord (mannelijk), afgoden,
afzakken, verschuiven, wegglijden