afvloeien
aflopen, afstromen, weglopen, wegstromen
aflopen, afstromen, weglopen, wegstromen
(een viswater) al vissende langs gaan, uitvissen, zodat men de meeste vis eruit wegvangt
Een wiskundige methodiek die een aantal metingen in de tijd zodanig middelt dat er een gelijkmatig verlopende grafiek ontstaat.(1)
` af – ve – gen, (veegde af, h. afgeveegd),
wegvaren, afstevenen, afgaan, afkomen
technische, chemische en biologische installatie voor het zuiveren
het opvangen van vrijgekomen methaan bij een vuilstortplaats
Water dat gebruikt is in de industrie of in het huishouden en dat na gebruik geloosd wordt.
Warmte die bij een proces niet meer wordt benut en aan de omgeving wordt afgevoerd. (WP technische encyc.)
gewonnen hetzij uit kadavers, hetzij uit dierlijke resten en afvallen of herkomstig van het schrapen of het reinigen van huiden en vellen; wordt hoofdzakelijk gebruikt voor technische doeleinden