Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

armzalig

achenebbisj, luizig, armetierig, armoedig, beroerd, deerniswekkend, ellendig, erbarmelijk, kaal, miserabel, pover, schraal, sjofel, treurig, miezerig, nietig

armvoogdij

(1)Het regelen van de toestand der armen; (2)Kerkelijk, burgerlijk armbestuur: lichaam belast met de zorg voor de armen

armoedig

ar` moe – dig, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, van armoede blijk gevend, tegengestelde van rijk of royaal

armste landen

Landen die geen gemiddeld jaarinkomen van 240 dollar per hoofd v.d. bevolking halen en niet over olie beschikken.

armoedetoets

Toets om vast te stellen of een land beneden of boven de armoede-grens ligt(gemeten volgens de normen BNP per capita en de gemiddelde levensverwachting).

armoe

behoeftigheid, dalles, geldnood, kaalheid, krot, merode, nood, armoede, behoefte, gebrek, miserie, ontbering