Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

bekoorlijkheid

bekoring, bevalligheid, charme, liefelijkheid, liefheid

bekommernis

kommer, kwelling, leed, tegenspoed, bekommering, angst, belangstelling, bezorgdheid, zorg

bekoorlijk

alleraardigst, bekorend, ravissant, snoeperig, snoepig, aantrekkelijk, allerliefst, betoverend, bevallig, charmant, heerlijk, innemend, lief, liefelijk, lieflijk, lieftallig, prettig, verleidelijk, verrukkelijk

bekommering

angst, bezorgdheid, ongerustheid, verontrusting, zorg

bekommeren

Zich zorgen maken over, ergens voor zorgen.

bekommerd

bezorgd, ongerust, verontrust

bekokstoven

bedisselen, smeden, uitbroeden, verzinnen

bekomen

verwerven, krijgen, ontvangen, verkrijgen, zich herstellen, bijkomen

beknoptheid

uit utiliteitsoverwegingen aan een identificatiecode te stellen voorwaarde