Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

brandslang

Genormaliseerde slang van linnen en/of kunststof, in oprolbare stukken en volgens voorschrift opgeborgen om snel vuur te kunnen bestrijden

brandsleuf

onbeplante strook in het bos,10-15 meter breed, tussen jonge aanplantingen, ten behoeve van de bosbescherming

brandschot

Schot dat, volgens vastgestelde normen, een bepaalde tijd tegen vuur bestand is

brandschoon

` brand – schoon, bijvoeglijk naamwoord. Als iets als brandschoon wordt beschreven, bedoelen ze daarmee dat het perfect gereinigd wordt en er aan niets gezien kan worden dat het vies, stoffig of vlekkerig is.

brandscherm

Ruimte rondom brandplaatsen, ontstekingsbronnen, gebouwen of brandbare opslagen die vrijgehouden moeten worden van brandbare materialen om branduitbreiding te voorkomen

brandrisico

Mogelijkheid of waarschijnlijkheid dat er brand ontstaat met schade en/of letsel

brandpuntsafstand

De afstand vanaf het achterste vlak van een lens tot het brandpunt wanneer de lens op oneindig is ingesteld.

brandpuntsradius

Halve diameter van de elektronenstraal in het brandpuntsvlak

brandpuntafstand

afstand van het brandpunt tot het midden van de lens of spiegel