Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

bros

brokkelig, knapperig, krokant, breekbaar, fragiel

brootstand

Snijdende tand van een broots

brootsgereedschap

Een-of meerdelig snijgereedschap met stapsgewijs van vorm of grootte veranderende, achter elkaar geplaatste tanden (getrapte vertanding)

brootsfrezen

Fabricagemethode van conische tandwielen met meskopfrezen als gereedschap, overeenkomende met brootsen volgens de verdeelmethode

brootsen

Brootsbewerking waarbij de broots door of langs het werkstuk wordt getrokken

brootsdoorn

Een-of meerdelig snijgereedschap met stapsgewijs van vorm of grootte veranderende, achter elkaar geplaatste tanden (getrapte vertanding)

brootsbreedte

Door de broots bestreken werkstukbreedte, gemeten loodrecht op de snijrichting

broos

breekbaar, frêle, teertjes, fragiel, onvast, teder, teer, zwak, onzeker

broosheid

fragiliteit, breekbaarheid, zwakheid, onzekerheid