bruyèrehout
bruyère, bruyèrehout: wortelhout van de boomdopheide/boomheide, voor tabakspijpen
bruyère, bruyèrehout: wortelhout van de boomdopheide/boomheide, voor tabakspijpen
bruyère, bruyèrehout: wortelhout van de boomdopheide/boomheide, voor tabakspijpen
tandenknarsen als uiting van zenuwoverspanning
(«Frans), I, bijvoeglijk naamwoord, gewelddadig;, II, de -woord (mannelijk), bruten, gewelddadig mens
spalk voor het immobiliseren van tanden of beweegbare delen;plaat van kunsthars die ervoor zorgt dat de tanden niet over elkaar knarsen en daardoor ook tandpijn voorkomt
nors, onzacht, bars, kortaf
peil voor de toevoerneer min het peil na de afvoerstuwing, in meters
de maat voor de totale grootte van een schip, bepaald overeenkomstig het Internationaal Verdrag betreffende de meting van schepen van 1969
de lonen en salarissen worden bruto genoemd, omdat zij worden geboekt vóór aftrek van de sociale vezekeringspremies ten laste van de werknemers en van de aan de bron ingehouden beslatingen
brut (t) oregisterton: de maat waarin de totale inhoud van een schip wordt uitgedrukt x 2.83 m3,zoals zij is ingeschreven in de registers en op de meetbrieven