Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

vlek van Tay

rode vlek met witte rand op de fovea centralis bij amaurotisch idiotisme

vlek

I, de -woord, vlekken, smet, vuile plek;, II, het -woord, vlekken, gehucht

vleierij

vlei – e` rij, de -woord (vrouwelijk), vleierijen, het vleien

vleierig

slijmerig, glad, stroperig, vleiend, zalvend

vleier

bewieroker, hoveling, mooiprater, mouwveger, pluimstrijker, zoollikker

vleiend

complimenteus, kruiperig, vleierig, flatteus

vleien

` vlei – en, (vleide, h. gevleid), naar de mond praten; overmatig 1 prijzen;, zich met de hoop vleien, dat …, zich blij maken met de verwachting, dat…

vlegel

kataas, blaag, hond, kinkel, lomperd, lummel, schoft, vlerk

vleet

bij de drijfnetvisserij de gezamenlijk aaneengeknoopte, tot één geheel verbonden netten, die per vaartuig worden uitgezet