Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

dagen

` da – gen, (daagde, h. gedaagd),

dageraad

` da – ge – raad, de -woord (mannelijk), aanbreken van de dag

dagelijks opnieuw bepaalde positie

positie: bij de positie-administratie de positie welke in bepaalde waarden (effecten, vreemde valuta, edele metalen enz.)wordt ingenomen, voor eigen rekening en risico. Moet i.v.m. koersschommelingen van effecten enz. zeer vaak (bv. dagelijks) opnieuw bepaald worden

dagelijkse aberratie

door de snelheid van de waarnemer als gevolg van de draaiing van de aarde om de zon ontstaat een schijnbare afwijking in de richting van de sterren

dagelijks bijwerken

het tot op het moment(bij real-time)of per dag(bij stapelverwerking)op de laatste stand brengen van een gegevensverzameling

dagdosis

de totale dosis te geven per dag

dagelijks

` da – ge – lijks, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, op of van elke dag: het dagelijks leven ; hij gaat dagelijks naar school ; rooms-katholiek :, dagelijkse zonde, geringe zonde;, tegengest : doodzonde ; zie ook bij bestuur

dagdief

lapzwans, luiaard, nietsnut