voleinden
afmaken, voleindigen, voltooien
afmaken, voleindigen, voltooien
vol` don – gen, bijvoeglijk naamwoord, beslist; niet meer te veranderen: een voldongen feit
satisfactie, vergenoegdheid, bevrediging, tevredenheid, genoegdoening, betaling
het vinden van een bepaalde oplossing die aan het probleem voldoet, maar niet optimaal hoeft te zijn
vol` doen – de, de -woord & het -woord, voldoendes en voldoenden, beoordelingscijfer waarmee wordt uitgedrukt dat de geleverde prestatie toereikend is
bevredigend, genoeg, toereikend, voldoende
het oplossen van een probleem door een oplossing te vinden die aan alle beperkingen voldoet
vol` doen, (voldeed, h. voldaan),
afdoend
lakenbereider