denkelijk
vermoedelijk, waarschijnlijk
vermoedelijk, waarschijnlijk
` den – ken, (dacht, h. gedacht), de intellectuele vermogens gebruiken, nadenken: eerst denken voor je aan dat karwei begint ;, denken aan, in de geest bezig zijn met of voor mogelijk of aannemelijk houden;, niet aan te denken, onmogelijk;, denken over, zich een mening of plan (trachten te) vormen;, zo denk ik erover, dat … Lees verder
denk` beel – dig, bijvoeglijk naamwoord, alleen in de verbeelding bestaand: deze roman speelt zich af in een denkbeeldige republiek
` denk – beeld, het -woord, denkbeelden, voorstelling, gedachte, idee
reduceren nitraten en nitrieten tot ammonia
Educatief programma in Nederlandse musea; opdracht op abstract niveau, die leerlingen aan het denken moet zetten
is het omzetten van nitraten in nitriet en stikstofgas
naar beneden halen
stevige(katoenen)stof met(indigo)geverfde ketting en ongeverfde inslag in keperbinding
koortsende virus-infectieziekte welke epidemisch en sporadisch voorkomt in tropische gebieden en overgebracht wordt door de beet van de muskieten Aedes aegypti en Aedes albopictus; wordt gekenmerkt door hevige pijn in hoofd, ogen, spieren en gewrichten, ontstoken keel en catarrale slijmvliesontstekingen