Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

volstoppen

volstouwen, opvullen, volproppen, vullen

volslagen

vol` sla – gen, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, geheel, volkomen: volslagen onzin

volproppen

volstouwen, opvullen, volstoppen, vullen

volop

` vol – op, bijwoord,

volontair

persoon die vrijwillig een taak vervult…,gewoonlijk tevens zonder loon te ontvangen, inz. met bedoeling om zich in het vak te bekwamen

volmulder

wolvervilter, lakenbereider

volmondig

vol` mon – dig, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, ronduit; grif: iets volmondig toegeven ;, volmondig instemmen met, zonder enige reserve