divergeren
uiteenlopen
uiteenlopen
di` vers, («Frans«Latijn), bijvoeglijk naamwoord, verschillend, onderscheiden: diverse broodjes
hoek tussen de rechten die het referentiepunt verbinden met het middelpunt van de ontvanger en met het middelpunt van de lichtbron
een oneindige reeks waarvan de limiet niet naar een eindpunt convergeert
gelijktijdige abductie van beide ogen
met vanuit één punt zich spreidende assen of stralen
met vanuit één punt zich spreidende assen of stralen
slaapbank
afdwaling, uitweiding, blabla, onzin
afdwalen, temen, uitweiden, ijlen