Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

doorzien

doorbladeren, doorlopen, inkijken, opnemen, doorkijken, nazien, doorgronden, begrijpen, doorhebben, snappen

doorzichtponskaart

ponskaart, waarin de documentnummers zijn aangegeven door middel van een geponst gaatje op een aangegeven positie; tremkaarten die voldoen aan de vraagomschrijving worden op elkaar gelegd en tegen het licht gehouden; de coïncidentie van een ponsgaatje geeft een document aan waaraan de vraagtermen zijn toegewezen

doorzichtig gedeelte van een voorruit

onder ‘ doorzichtig gedeelte van een voorruit’ verstaat men het gedeelte van dit oppervlak waarvan de doorlaatbaarheid voor licht, gemeten in rechte hoeken ten opzichte van het oppervlak, niet minder bedraagt dan 70%

doorzetter

` door – zet – ter, de -woord (mannelijk), doorzetters, iem. die doorzet, doorduwer

doorzicht

structuur van een vel papier, gezien bij doorvallend licht

doorzetten

` door – zet – ten, (zette door, h. doorgezet),

doorzakking

maximale afstand tussen boog en bijbehorende koorde

doorzakmoment

Het buigend moment dat op de romp van een schip wordt uitgeoefend wanneer het midscheeps in een golfdal ligt, met golftoppen aan de scheepseinden