Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

voorzetsel

` voor – zet – sel, het -woord, voorzetsels taalkunde, onverbuigbaar woord dat de aard van de betrekking tussen verschillende woorden in een zin aanduidt, bijv. van , tot , met ;, vast voorzetsel, voorzetsel dat met een werkwoord in een vaste combinatie voorkomt zoals op in hopen op

voorzetraam

raam dat afneembaar voor de sponningen van een raamopening vastgezet wordt

voorzeil

elk zeil dat vóór het algemene zeilpunt is geplaatst

voorzeggen

profeteren, voorspellen, dicteren, souffleren, inblazen, ingeven

voorzaat

voorouder, voorvader

voorwoord

` voor – woord, («Duits), het -woord, voorwoorden, voorbericht of woord vooraf

voorwielstuurinrichting

waarbij alleen de wielen op de vooras(sen)worden bestuurd.Dit omvat alle wielen die in dezelfde richting sturen

voorwielaandrijving

Een soort van aandrijfmechanisme, waarbij de motorkracht op de voorwielen wordt uitgeoefend.

voorwetenschap

niet openbaar gemaakte informatie die concreet is en die betrekking heeft op een of meer emittenten van effecten of op een of meer effecten en die, indien zij openbaar zou worden gemaakt, aanwijsbare invloed zou kunnen hebben op de koers van dat effect of van die effecten