Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

hypotheek

Langlopende lening met onroerende zaak (uw huis) als onderpand.

hypotheek met gemengde levensverzekering

Het verzekerd bedrag is gelijk aan dat van de hypothecaire lening. Geeft recht op uitkering bij overlijden, doch uiterlijk op een vaste einddatum. De periodieke betaling omvat rente en verzekeringspremie, geen aflossing. Aan het einde van de looptijd keert de verzekeraar een bedrag uit gelijk aan de gehele hypothecaire schuld. Nadeel: Gedurende de gehele looptijd … Lees verder

hypotheekbank

bank die langlopende hypothecaire leningen verstrekt.De vereiste middelen daarvoor verkrijgt zij door afgifte van hypothecaire obligaties of andere pandbrieven

hypotheekakte

In dit document worden afspraken weergegeven tussen de koper en een financieringsinstelling met betrekking tot de hypotheek. Vervolgens wordt dit document door de notaris ter inschrijving aangeboden aan het Kadaster en wordt het in een speciaal daarvoor bestemd register ingeschreven.

hypotheekgever

Degene die hypotheek verstrekt op een onroerend goed. De hypotheekgever is dus de huiseigenaar. De onroerende zaak als is onderpand.

hypotheeknemer

De partij die geld uitleent tegen het verkrijgen van hypothecaire zekerheid, dus met onroerende zaak als onderpand. De hypotheeknemer is dus de geldschieter.

hypotheekregister

Een openbaar – voor iedereen toegankelijk – register waarin via de notaris de hypotheek wordt ingeschreven. Het hypotheekregister wordt bijgehouden bij het kadaster.

hypothenar

de welving aan de handpalm ter plaatse van de bal van de pink en de kleine verhevenheden aan de bases van de overige vingers