Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

halfwarm omvormen

Omvormproces, waarbij het werkstuk slechts zo ver voorverwarmd wordt, dat onder de toegepaste deformatiecondities nog blijvende versteviging van het materiaal optreedt

halfwitte rijst

padie waarvan het kroonkafje, een gedeelte van de kiem en alle of een deel van de buitenlagen van het zilvervlies zijn verwijderd, maar niet de binnenlagen

halfzoet

produkten met een suikergehalte tussen 90 en 130 gram per liter

hall

inkomhal, hal, ingang, inkom, portaal, vestibule, hal, zaal

hallenhuis

Gebouw met een vrijstaande gebintconstructie die het huis in drie beuken verdeeld. Het hallenhuis was in Midden Nederland het gangbare boerderijtype.

hallen

groothandelsmarkt bestemd om de distributieketens te verlichten door het aantal tussenpersonen tussen de producent en de verbruiker te verminderen