Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

gerucht

ge` rucht, het -woord,

geruis

ieder ongewenst signaal binnen de gebruikte frequentieband

geruis van Flint

luid presystolisch geruis aan de apex bij aorta-insufficiëntie, welke niet gecompliceerd is door mitraalstenose

geruis van Graham Steel

zwak diastolisch geruis in de linker derde intercostale ruimte aan de rand van het sternum bij pulmonale insufficiëntie

gerundium

Grammaticale aanduiding voor de verbogen vormen van het infinitief van het werkwoord.

gerust

ge` rust, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, rustig; zonder nadeel of gevaar: dat kun je gerust proberen ;, ik ben er niet zo gerust op, ik vrees dat het niet goed gaat;, iem. gerust laten, Zuid-Nederlands iem. met rust laten, iem. niet lastig vallen