Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

gaping

gat, hiaat, leegte, lacune, leemte, onderbreking, opening

gappen

dieven, kabassen, klauwen, ratsen, snaaien, snezen, wegkapen, wegpikken, achteroverdrukken, jatten, kapen, pikken, stelen, wegnemen

gapkoers

door betrokken handelaars gemaakte fictieve koers bij schijnverkopen, teneinde invloed te hunnen voordele uit te oefenen op de gemiddelde koers

gapper

dief, jatter

garanderen

ga – ran` de – ren, («Frans) (garandeerde, h. gegarandeerd), waarborgen, borg blijven voor, instaan voor

garagist

garagehouder, pomphouder

garant

ga` rant, («Frans), de -woord (mannelijk), garanten, iem. die garandeert, borg, waarborg;, garant staan, borg blijven

garantie

bedrag dat een contractant stort als zekerheidsstelling voor het naleven van zijn verplichting