Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

insluiten

inbedden, inmetselen, opsluiten, encadreren, omringen, omsingelen, omsluiten, blokkeren, versperren, impliceren, inhouden, omvatten, veronderstellen, bijsluiten

inslikken

doorslikken, inslokken, inzwelgen, opslokken, opeten

inslagzijde

uit doorgaans licht ineendraaien van twee of meer grègedraden welke tevoren niet afzonderlijk zijn getwist

inslapen

` in – sla – pen, (sliep in, is ingeslapen),

inslagtricot

verkregen door middel van een textieldraad, welke ononderbroken, in de breedterichting, rijenlussen vormt

inslagspoelmachine

machine, welke inslaggarens op een speciale manier op inslagspoeltjes (pirns, pijpen) windt

inslagbreiwerk

verkregen door middel van een textieldraad, welke ononderbroken, in de breedterichting, rijenlussen vormt

inslagschema

Geeft aan hoe de pagina s op het drukvel moeten worden gedrukt, zodat ze na te zijn gevouwen en gebrocheerd op de juiste volgorde staan.

inslag

` in – slag, de -woord (mannelijk), inslagen,

inslaapstadium

het eerste stadium van de narcose; slechts het pijngevoel is opgeheven, het bewustzijn blijft behouden en de ademhaling kan wat onregelmatig worden