web TV
televisie-uitzendingen op het web
televisie-uitzendingen op het web
het -woord, webben ,, ` web – be, de -woord, webben,
persoonlijk voornaamwoord, eerste persoon meervoud, zonder nadruk, onderwerpsvorm wij; ook in bijzonder gebruik (ironisch of neerbuigend): tweede persoon enkelvoud of meervoud : we laten de boel wel heel, hè! ; zo, nu gaan we lekker slapen
Wideband Code Division Multiple Access, radio-interface voor UMTS.
Web Cache Communications Protocol.
Web Content Accessibility Guidelines, aanwijzingen voor het gebruik van internetpaginas t.b.v. gehandicapten.
closetrol
bestekamer, closet, gemak, kamer honderd, kleinste kamertje, plee, poepdoos, retirade, schijthuis, wasgelegenheid, watercloset, zekere plaats, kabinet, koer, privaat, sekreet, toilet
Write Back Soon, schrijf snel terug.
Web Based Enterprise Management, standaard voor beheer enterprise systems en devices.