kanarievogel
kanarie, kanariepiet
kanarie, kanariepiet
kanarie, kanarievogel
soorten uit het geslacht Serinus van de familie der vinkachtigen van de orde der zangvogels/Psittaciformes
helgeel
het geven van een gelijkmatig beloop aan een natuurlijke grote of kleine waterloop; `normalisatie`meestal i.v.m. beken,`kanalisatie`meestal i.v.m. rivieren
ka` na – rie, («Spaans), de -woord (mannelijk), kanaries, algemeen bekende kooivogel, vaak geel van kleur (Serinus canaria ), genoemd naar de Canarische Eilanden
lymferuimten tussen de vezels van de zona ciliaris, gevuld met humor aqueus
kanaaltjes in de processus alveolares van de onderkaak tussen de wortels van laterale en mediale snijtanden voor het doorlaten van een vaatanastomose tussen de a.sublingualis en de a.dentalis inferior
anastomoserende holten in het sponsweefsel van zich ontwikkelende beenderen, die bloed-en lymfvaten, zenuwen en beenmerg bevatten
carbonblack, al naar de wijze van bereiding