kind
het -woord, kinderen, in de spreektaal ook kinders, onvolwassen mens;, het kind moet een naam hebben, gezegd als iets door een niet zeer toepasselijke benaming (leuze, titel, enz.) wordt aangeduid;, het kind bij zijn naam noemen, ronduit, onverbloemd zeggen wat men bedoelt;, ergens (als) kind in of aan huis zijn, zeer vertrouwd, zeer bekend met … Lees verder